Mariken Leurs

Hoofd RIVM Centrum Gezond Leven

Profiel: Mariken Leurs,

Mariken Leurs Mariken Leurs, 39.jaar. Getrouwd, drie kinderen. Woont in Amersfoort.
Functie: hoofd Centrum Gezond Leven. Opleiding: Universiteit van Maastricht

Hallo Mariken, leuk dat je tijd maakt voor een vitaliteitsinterview!

Kun je wat vertellen over het Centrum Gezond Leven (CGL)?

Ja, graag! Het Centrum Gezond Leven heeft als doel om samenhang en overzicht te bieden op het gebied van gezondheidsbevordering op de werkplek en daarin lokale professionals te ondersteunen. Vanuit die invalshoek zijn wij op dit moment bijvoorbeeld bezig om zo'n vierduizend interventies te beoordelen op kwaliteit. Het Centrum is onderdeel van RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu), we werken er met ongeveer vijftien personen.

Ik begrijp dat jullie werken vanuit zes kennis V's, wat betekent dat?

Dat klopt, deze kennis V's zijn

  1. Verzamelen van kennis op geleide van de lokale vraag, zo hebben we inmiddels een databank met beschrijvingen van ruim 4.000 leefstijlinterventies (projecten die bedoeld zijn om mensen aan te zetten tot een gezondere leefstijl)
  2. verrijken van kennis met kennis van het RIVM en onze partners
  3. valideren van kennis door onder andere het beoordelen van leefstijlinterventies door commissies van experts op effectiviteit: veranderen mensen daadwerkelijk hun gedrag?
  4. verbinden van kennis om bijvoorbeeld te komen tot een 'gezonde school';
  5. verspreiden van kennis zodat iedereen die baat heeft bij onze kennis, er ook daadwerkelijk weet van heeft
  6. verleiden tot actief gebruik van onze kennis, zonder verplichtingen.

En we zetten onze kennis in om lokaal gezondheidsbeleid te versterken. Daartoe werken we ook samen met o.a. GGD's, Thuiszorgorganisaties, Gemeenten.

Waarom beoordelen jullie al die vierduizend interventies?

Om het kaf van het koren te scheiden. Er is veel zin, maar we vermoeden ook veel goed bedoelde onzin. Zo werken we met een erkenningscommissie die onder auspiciën van het RIVM en het Nederlands Jeugdinstituut interventies erkent. Vervolgens is het natuurlijk ook interessant voor zorgverzekeraars die kunnen beoordelen wat ze wel/niet gaan vergoeden. Neem bijvoorbeeld het gezondheidsbevorderend programma "beweegkuur" dat is een op maat programma met een voedingsadvies en vooral een beweegprogramma dat vanuit doorverwijzing van de huisarts gevolgd kan worden.

Dat doet mij denken aan de programma's die er bij Corus zijn

Ja, maar het bedrijfsleven is niet onze primaire doelgroep. Wij hebben onze oriëntatie vooral op school en wijk.

Kun je een voorbeeld geven van een interventie ?

Ze liggen allemaal op het terrein van gezond leven, dus bijvoorbeeld op het tegengaan van overgewicht, het stoppen met roken, op valpreventie, maar ook op het voorkomen dat jongeren zich klem zuipen of dat er gepest wordt op school. Het televisieprogramma "Nederland in beweging" dat door de AVRO werd uitgezonden en inmiddels is overgenomen door MAX is een interventie die beweging stimuleert. Van dat programma was ik in de opstartjaren overigens destijds projectleider.

Je hebt het over lokaal gezondheidsbeleid, kun je daar een voorbeeld bij geven?

Wij proberen de kennis die er is op maat te ontsluiten. Gemeenten zijn namelijk vrij om hun eigen keuzes te maken als het gaat om het bevorderen van gezondheid. We proberen daarom informatie over de beste beschikbare interventies overzichtelijk te presenteren zodat de organisaties die gemeentelijk beleid mede invulling hier gemakkelijk hun keuzes uit kunnen maken. Denk bijvoorbeeld ook aan gezondheid op scholen. Eén van de onderdelen daarbij kan zijn hoe betrek je ouders en leerlingen bij dit onderwerp. Daar schrijven we dan handleidingen bij. GGD's, Thuiszorgorganisaties en andere lokale professionals zijn onze belangrijkste doelgroep, zij voeren immers gemeentelijk beleid uit. Een van de uitgangspunten is dat professionals in die lokale organisaties ermee uit de voeten kunnen.

Je noemde het aantal medewerkers dat het Centrum bemenst, dat is vrij klein voor al deze doelstellingen?

Ja dat klopt wel maar dat is een kwestie van verwachtingsmanagement én constructief samenwerken. We staan op dit moment enorm in de spotlights, worden voor allerlei symposia en congressen als deelnemer of spreker uitgenodigd en er wordt ook inhoudelijk en qua samenwerking het nodige van ons verwacht. We zijn een centrum met een regiefunctie en hebben de opdracht van het ministerie van VWS. Gelukkig zijn er een flink aantal landelijke organisaties die hun medewerking verlenen aan de taken van ons centrum. Ons centrum is er vooral voor-en-door professionals, ook lokale professionals dragen hun steentje bij. Pas als velen hun kennis via ons centrum delen en laten beoordelen, dan kunnen we een echte impuls betekenen voor lokaal gezondheidsbeleid. Ook de Inspectie voor de Gezondheidszorg kijkt hier verwachtingsvol naar uit.

Steken jullie ook buiten Nederland je voelhorens uit?

Ja dat doen we zeker, ik heb een warm contact in Brussel bij de EU, kijk voor de inhoud maar eens op EuroHealthNet. Daarnaast zijn we in Finland geweest waar gezondheidsbeleid meer geïntegreerd is op lokaal niveau, daar heb je op vijf miljoen Finnen ook maar liefst vierhonderd gemeenten. De minister van Moldavië kwam onlangs hier, voor hem heb ik een presentatie gehouden. En binnenkort mag ik Nederland vertegenwoordigen op een internationaal congres van de wereld gezondheidsorganisatie in Nairobi.

Hoe zie jij vitaliteit?

Ik kom de term niet zo vaak tegen. Wel in een oudere groep, bijvoorbeeld mensen die lang vitaal blijven, van 55+. Zoals jij het gebruikt zie ik het meer als levenskracht. Met alle vier aspecten.

Doe jij in je werk iets aan vitaliteit ?

Het Centrum Gezond Leven doet natuurlijk enorm veel aan vitaliteit. Dat ligt met name op het fysieke aspect maar ook op het emotionele aspect van vitaliteit, denk aan interventies op het gebied van sociale weerbaarheid voor jongeren (gezond gedrag), of het onderkennen van depressie bij mensen. Spirituele vitaliteit komt niet als programmaonderdeel op zich voor, maar wel geïnspireerde mensen. In campagnes gebruiken we ook rolmodellen die inspireren.

Sociale vitaliteit heeft in mijn optiek te maken met de setting waarin je werkt. In een wijk of in een school, community based leven. Binnen ons centrum voor-en-door professionals wordt samengewerkt, niet in een eigen hokje. Dat creëert begrip. Ik vind het overigens geen sinecure om goed lokaal beleid te maken, de juiste interventie te kiezen en de juiste partners daarbij te vinden.

Ook financiert het centrum een wekelijks goed gevulde fruitschaal voor onze eigen medewerkers. Deze is zo tegen de donderdag aardig leeg.

Waar zijn jullie op dit moment mee bezig?

Om o.a. de agenda "gezond leven 2010" samen te stellen. Eén van de items daarbij is 'competente professionals', dat is een item omdat het veld verandert. Wat mij opvalt is dat je dan voornamelijk een bepaalde groep aantreft, bijvoorbeeld in het gemeentelijke gezondheidsveld vooral vrouwen die part-time werken maar ook weinig ambitieus zijn. Overigens ook met tal van positieve uitzonderingen!

Wat geeft jou energie in je werk?

Constructieve gesprekken, of als ik een dag mee kan lopen en nieuwe inzichten op kan doen zoals onlangs bij de directie van VWS.

Waar ligt dat op de vitaliteitscirkel denk je?

Dat ligt volgens mij duidelijk op het sociale aspect.

Wat zijn energievreters voor jou ?

Bureaucratisch geneuzel. Maar ook als er een semantische discussie gevoerd wordt terwijl men het over de inhoud eens is. Of als mensen niet open zijn of juist met hun hakken in het zand gaan. Dat zijn meteen ook wel weer de uitdagingen in mijn werk, die - als het lukt om ze te overkomen - ook weer energie kunnen geven.

Waar ligt dat op de vitaliteitscirkel denk je?

Volgens mij ook op de sociale aspecten van vitaliteit.

Hoe houd je jezelf vitaal?

Ik heb natuurlijk net een nieuwe full-time baan, dat houdt in dat ik voorlopig weinig tijd naast werk en mijn gezin heb. Ik heb drie jonge kinderen. Toch probeer ik te zorgen voor voldoende lichaamsbeweging, ik woon achttien kilometer van mijn werk, dat fiets ik zo vaak mogelijk. In de praktijk is dat 1 tot 2 keer per week. Daarnaast geef ik atletiektraining aan kinderen van 12-13 jaar, dat houdt je scherp.

Dank je voor je tijd, Mariken!

Andere vitaliteitsinterviews